Schijnzelfstandigheid: de overheid kijkt nu ook kritisch naar zichzelf (en dus ook naar jou)
De discussie over schijnzelfstandigheid en de Wet DBA voelt misschien als "iets van Den Haag" of "gedoe bij grote corporates". Maar een nieuw Woo-besluit van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) laat iets anders zien: de overheid is zélf druk aan het uitzoeken hoe ze omgaat met zzp'ers en inhuurkrachten – en dat heeft direct gevolgen voor iedereen die als freelancer werkt. Open Overheid
Wat is er precies gebeurd?
Op 1 december 2023 heeft iemand een enorm uitgebreid Woo-verzoek (de opvolger van de Wob) ingediend bij SZW. De kern van die vraag:
"Vertel alles over hoe jullie zelf omgaan met (schijn)zelfstandigen, de Wet DBA, risico's, boetes, draaideurconstructies, en de nieuwe wet over arbeidsrelaties."
Het gaat bijvoorbeeld om:
- hoe SZW arbeidsrelaties van ingehuurde zzp'ers kwalificeert (werknemer of zelfstandig?);
- alles over loonheffingen en sociale premies bij inhuur;
- risico's van externe inhuur (financieel, juridisch, organisatorisch);
- ex-medewerkers die (snel) terugkomen als zzp'er of uitzendkracht;
- maatregelen om schijnzelfstandigheid tegen te gaan;
- documenten over het wetsvoorstel "Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden" (Vbar). Open Overheid
Na een lang traject (met meerdere keren naar de rechter omdat SZW te laat was) komt het ministerie met een besluit: er zijn 352 documenten gevonden. Een paar worden volledig openbaar, veel documenten alleen gedeeltelijk, en een aantal blijft helemaal geheim. Open Overheid Dat klinkt technisch, maar de boodschap is eigenlijk heel simpel: schijnzelfstandigheid is geen randonderwerp meer – het is core business.
Wat zegt dit over hoe de overheid naar zzp'ers kijkt?
Schijnzelfstandigheid is een topprioriteit. Alleen al het aantal documenten en de hoeveelheid juridische, beleidsmatige en financiële stukken laat zien dat schijnzelfstandigheid een groot thema is binnen SZW. Dat gaat niet alleen over bedrijven "in het wild", maar ook over hun eigen manier van inhuren. Open Overheid
Hier wordt onder andere over gesproken:
- kwalificatie van de arbeidsrelatie: wanneer ben je nou echt zelfstandig?
- risico's van inhuur: hogere tarieven, afhankelijkheid van externen, kennis die niet in de organisatie blijft, onjuiste kwalificatie met naheffingen/boetes;
- draaideurconstructies: ex-medewerkers die binnen korte tijd als zzp'er terugkomen;
- maatregelen om het aantal inhuurkrachten en uitzendkrachten terug te dringen. Open Overheid
Tegelijk: de overheid huurt zélf veel extern in. In de Jaarrapportages Bedrijfsvoering Rijk zie je dat de overheid structureel veel externe inhuur heeft. In 2023 ging het om 3,26 miljard euro aan externe inhuur – goed voor 15,4% van alle personeelsuitgaven (terwijl de zogeheten Roemernorm max. 10% noemt).
Kort door de bocht:
- De overheid heeft zzp'ers nodig, maar
- wil tegelijkertijd minder afhankelijk worden,
- én harder optreden tegen schijnzelfstandigheid.
Dat spanningsveld ga jij de komende jaren voelen in je opdrachten.
De timing: het handhavingsmoratorium is voorbij
Dit Woo-besluit komt precies in een periode waarin het speelveld snel verandert:
- Tot 1 januari 2025 gold een handhavingsmoratorium op de Wet DBA. De Belastingdienst handhaafde alleen bij duidelijke kwaadwillenden. LHV
- Sinds 1 januari 2025 is dat moratorium afgeschaft:
- De Belastingdienst handhaaft weer volledig op schijnzelfstandigheid;
- Bedrijven die zzp'ers inzetten in een feitelijke werknemersrol kunnen correcties, naheffingen en boetes krijgen;
- Er is een overgangsperiode van 1 jaar waarin geen vergrijpboete wordt opgelegd als aantoonbaar stappen worden gezet om de situatie te verbeteren. Belastingdienst
Dat betekent: opdrachtgevers moeten nu echt in beweging komen. En jij als freelancer zit midden in dat gesprek.
En dan komt daar nog de nieuwe wet Vbar bij
Naast handhaving onder de bestaande Wet DBA komt er nieuwe wetgeving aan: de Wet Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar). Tweede Kamer
Die wet doet grofweg twee belangrijke dingen:
1. Verduidelijken wanneer je werknemer bent
- Er komt een set criteria rond o.a. gezag, inbedding in de organisatie en eigen ondernemerschap.
- Minder "grijs gebied" op papier – meer duidelijkheid voor rechters, Belastingdienst en markt.
2. Een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst bij lagere tarieven
- Bij een uurtarief van ongeveer €33 of lager komt er een rechtsvermoeden dat je werknemer bent.
- Jij (of je opdrachtgever) kan dat weerleggen, maar het startpunt is: "dit lijkt meer op loondienst dan op ondernemerschap". Raad van State
Met andere woorden: tarief, positie in het team, duur en aard van het werk gaan zwaarder wegen in de beoordeling.
Wat kun jij hier concreet mee als zzp'er?
Je hebt geen invloed op hoe SZW intern met haar documenten omgaat, maar je kunt wél je eigen positie scherp neerzetten. Een paar praktische punten:
1. Kijk eerlijk naar je eigen situatie
Stel jezelf (en je opdrachtgever) de ongemakkelijke vragen:
- Lijk je in de praktijk op een collega in loondienst, met hetzelfde team, dezelfde leidinggevende en vaste werktijden?
- Gebruik je vooral middelen van de opdrachtgever, zit je in hun rooster, hun systemen, hun overlegstructuur?
- Heb je maar één opdrachtgever waar je (bijna) fulltime zit, al maanden of jaren achter elkaar?
- Kun je je écht laten vervangen, of staat er in het contract iets dat in de praktijk nooit gebeurt?
Hoe meer je lijkt op een werknemer, hoe groter het risico dat jij in de "schijnzelfstandigheid-zone" valt.
2. Let op je uurtarief – zeker rond het rechtsvermoeden
Met de Vbar wordt een lager tarief gecombineerd met een sterker vermoeden van loondienst:
- Zit je rond of onder de ~€33 per uur en werk je feitelijk als werknemer? Dan sta je zwakker als "zzp'er", zeker in een conflict. Raad van State
Dat betekent niet dat je boven de €33 "veilig" bent, maar het laat wel zien dat te lage tarieven + weinig ondernemerschapskenmerken een rode vlag zijn.
3. Pas op met draaideurconstructies
Het Woo-verzoek zoomt expliciet in op ex-medewerkers die binnen zes maanden terugkeren als zzp'er of uitzendkracht. Dat is dus een scenario waar de overheid zelf kritisch naar kijkt – reken er maar op dat de Belastingdienst dat ook doet. Open Overheid
Heb jij net een dienstverband gehad en kom je terug als "zelfstandige" in ongeveer dezelfde rol, bij dezelfde manager, met hetzelfde werk? Dan is het verstandig om:
- juridisch advies in te winnen, en
- het gesprek met je (ex-)werkgever te voeren over de risico's.
4. Zorg dat je contract én praktijk kloppen
- Gebruik een goede overeenkomst van opdracht, liefst gebaseerd op actuele modellen en afgestemd op de Belastingdienst-criteria.
- Maar nog belangrijker: zorg dat wat in het contract staat ook echt gebeurt. "Op papier" veel ondernemersvrijheid hebben, terwijl je in de praktijk gewoon als werknemer wordt aangestuurd, is precies waarmee de Belastingdienst nu harder afrekent. Belastingdienst
5. Blijf zelf aan het stuur als ondernemer
De rode draad in beleid en rechtspraak: echte zelfstandigen moeten herkenbaar ondernemer zijn. Denk aan:
- meerdere opdrachtgevers (of in ieder geval een plan om daar naartoe te werken);
- eigen marketing / acquisitie (website, LinkedIn, netwerk, etc.);
- eigen gereedschap, systemen en werkwijze waar dat kan;
- bewust gekozen tarief dat past bij jouw risico, ervaring en zelfstandige positie.
Wat kun je nu al doen?
Een paar concrete stappen voor de komende tijd:
1. Scan je huidige opdrachten
- Lijk je erg op een werknemer? Ga in gesprek met je opdrachtgever.
2. Check je tarief en ondernemerschapsprofiel
- Zeker als je onder of rond de grens van €33 per uur zit.
3. Leg afspraken helder vast
- Contract, vervangingsregeling, resultaatverplichtingen, eigen werkwijze.
4. Blijf op de hoogte
- Volg nieuws van Rijksoverheid, Belastingdienst en je branche.
- Kijk zo nu en dan naar Woo-besluiten over zzp/schijnzelfstandigheid – die geven verrassend veel inzicht in hoe de overheid zelf denkt. Rijksoverheid
5. Gebruik je netwerk
- Spar met andere freelancers, juristen of fiscalisten in je omgeving (of in je coworkingruimte 😉). Vaak zie je bij anderen heel duidelijk wat bij jezelf nog "grijs" is.